toelatingseisen

Voordat je wordt toegelaten tot de opleiding, doe je eerst auditie. In de auditie wordt onderzocht of je voldoet aan de toelatingseisen.
De toelatingseisen voor de Bacheloropleiding Muziek aan de Rotterdam Classical Music Academy zijn:

Muzikaal gehoor (solfège)

• nazingen van een melodisch fragment
• transponeren van een melodisch fragment
• nazingen van een baslijn
• lokaliseren van fouten in een genoteerde melodie
• nazingen van samenklanken (twee-, drie-, en vierklanken)
• benoemen van voorgespeelde samenklanken (twee-, drie- en vierklanken)
• lokaliseren van veranderingen binnen een samenklank (twee-, drie- en vierklanken)
• van blad zingen
• lezen/uitvoeren van een ritme
• noteren van een voorgespeelde melodie

Theoretische kennis
• notenschrift: noten lezen in de viool- en bassleutel (voor componisten, koor- en orkestdirigenten: tevens noten lezen in de alt- en tenorsleutel)
• toonladders en toonsoorten: kennen van alle majeur- en mineurtoonladders (harmonisch, melodisch, authentiek), opnoemen en opschrijven van toonladders vanuit een willekeurige grondtoon, kennen van de voortekening van alle majeur- en mineurtoonsoorten, zingen en herkennen van toonladders
• intervallen: kennen van intervallen binnen het octaaf, opnoemen of opschrijven van intervallen vanuit iedere willekeurige toon (zowel stijgend als dalend), zingen en herkennen van intervallen
• drieklanken: kennen van alle majeur, mineur, verminderde en overmatige drieklanken; opnoemen, voorzingen en herkennen van drieklanken vanuit een willekeurige grondtoon, (her)kennen van de verschillende liggingen van bovengenoemde drieklanken
• septimeakkoorden: kennis van septimeakkoorden (groot, klein, dominant, verminderd)
• benoemen en opschrijven van septimeakkoorden vanuit een willekeurige grondtoon
• algemene muziekleer: kennis van maatsoorten, tempo, dynamiek en articulatie

Instrumentale en vocale opleidingen
Voor alle opleidingen geldt:
• voldoende affiniteit met het instrument en het daarbij behorende repertoire
• voldoende ontwikkelingsmogelijkheden
• blijk geven van voldoende studiezin en enthousiasme voor muziek en instrument

Viool
• techniek: alle toonladders en gebroken drieklanken in drie octaven, Vioolschool: Sevcik op. 1,2,3,8; dubbelgrepen, vibratospel, ontwikkelde rechterpols, vingerstreek
• etudes: twee etudes van contrasterend karakter en tempo, bijv. Dont, Mazas - Etudes spéciales, Dancla op. 73 en Kreutzer
• voordracht: twee voordrachtstukken of delen uit een sonate of concerto, van verschillend karakter en tempo

Altviool
• techniek: toonladders over drie octaven (C t/m G majeur en mineur), overige toonladders over twee octaven, positiespel eerste t/m vierde positie en diverse streeksoorten
• etudes: twee etudes van contrasterend karakter en tempo uit bijv. Moravec deel 2, Hoffman op. 87, Kreutzer en Mogill (Selected etudes for viola)
• voordracht: twee contrasterende delen uit een sonate of concerto

Cello
• techniek: toonladders, tertsen en drieklanken in drie octaven
• etudes: keuze uit Grützmacher - op.38 - band 1, Lee op.31 '40 methodische und ritmische Etüden' - band III, Feuillard - La Technique de violoncelle (een etude uit deel III en een etude uit deel IV), Stutchewsky - deel II
• voordracht: keuze uit Sonate van Duport - bew. Boulay, Concert nr. 1 van Breval, Concert van Golterman - vr.4 9f 5, Concertino in C van Klengel

Contrabas
• techniek: toonladders en drieklanken over tenminste twee octaven in alle toonsoorten, alsmede duimpositiespel
• etudes: keuze uit Storch-Hrabe; 57 studies, Sturm op. 20; 110 studies, Kreutzer-Simandl; 18 studies
• voordracht: A. Capuzzi - Concert in F, Cimador - concerto, W. Pichl - concerto of een voordrachtstuk naar eigen keuze

Dwarsfluit
Bachelor
Naar keuze: Enesco cantabile et presto of Gaubert nocturne et allegro scherzando
Naar keuze: JS Bach sonate e majeur 1 en 2 deel of JS Bach sonate e minor 1 en 2 deel
Naar keuze: Andersen op 15 , 1 etude naar keuze of Koehler op 33 , 1 etude naar keuze

Master
Naar keuze: Mozart fluitconcert G of D
Naar keuze: Nielsen of Reinecke of Ibert concert
Naar keuze: 1 werk voor fluit solo geschreven na 1960

Hobo
• etudes: twee etudes van Luft of Pasculli
• voordracht: één sonate of concerto en één vrij te kiezen voordrachtstuk uit de klassieke periode of later

Klarinet
• techniek: majeur- en mineurtoonladders
• etudes: twee etudes, bijv. uit H. Klosé - Exercices Journaliers nr. 1 of 5, A. Perier - Vingt études faciles et progressives nr. 3 of 4, P. Jean-Jean - Le cahier assez facile nr. 3 of 6, of etudes van gelijke moeilijkheidsgraad
• voordracht: voordrachtstuk naar keuze

Basklarinet
• techniek: keuze uit Henri Bok / Eugen Wendel - New techniques for the bass clarinet
• etudes: twee à drie etudes van verschillend karakter uit bijv. William E. Rhoads - 21 Foundation studies for alto and bass clarinet, William E. Rhoads - Etudes for technical facility, Alfred Uhl - 48 Etüden für Klarinette, Frederik Bon - 12 etudes voor klarinet
• voordracht: enige voordrachtstukken, waarvan minimaal één uit het traditionele repertoire

Fagot
• techniek: alle toonladders en akkoorden
• etudes: twee etudes uit Weissenborn, etudes op. 8 nr.2 (tweede helft), twee etudes uit Vaulet, 20 studies
• voordracht: drie stukken naar eigen keuze

Hoorn
• techniek: alle majeur- en mineurtoonladders en gebroken akkoorden
• etudes: enkele etudes van verschillend technisch karakter, bijv. Kopprasch en/of Oscar Franz
• voordracht: minstens één voordrachtstuk, bijv. Cherubini 1e sonate of 3e hoornconcert van Mozart (deel 2)

Trompet
• techniek: majeur- en mineurtoonladders, gebroken akkoorden en natuurbindingen over de gehele omvang van het instrument
• etudes: etudes uit Werner (nr. 3 en/of nr. 7), Duhem - 24 etudes (nr. 17 en/of nr. 19) of etudes van vergelijkbare moeilijkheidsgraad
• voordracht: een voordrachtstuk naar keuze

Trombone
• techniek: alle majeur- en mineurtoonladders over tenminste twee octaven, het binden van natuurtonen
• etudes: enige etudes van verschillend technisch karakter, bijv. uit Vobaron, Kopprasch, Lafoss-Méthode complète
• voordracht: keuze uit bijv. Larsson - Concertino voor trombone, Rimsky Korsakov - Tromboneconcert, Weber - Romance

Bastrombone
• techniek: alle majeur- en mineurtoonladders over tenminste twee octaven, het binden van natuurtonen
• etudes: enige etudes van verschillend technisch karakter, bijv. uit Vobaron, Kopprasch, Lafoss-Méthode complète
• voordracht: naar keuze

Tuba
• techniek: toonladders en gebroken akkoorden
• etudes: keuze uit Robert Kietzer, Bas Tuba School
• voordracht: een voordrachtstuk naar keuze

Slagwerk

Pauken
* Enkele etudes uit bijvoorbeeld: H. Knauer - Paukenschule nr. 34; R. Hochrainer - Etüden für Timpani nr. 15, The Friese Lepak (zelf stemmen), Nick Woud - Symphonic studies for timpani nr.1, G. Whaley - Scherzo for timpani. Evt. 1e symphonie van Beethoven deel 3 en 4 (mag met cd).
* A prima vista spelen.
* Roffels en technische oefeningen.

Kleine trom
* Etudes, bijv. M. Peters - Intermediate Snare Drum Studies; Zegalsky - vanaf nr. 35, A. Cirone - Portraits in Rhythm; C. Wilcoxon - All American Drummer; '26' Rudiments, Heating the rudiments. Gerard van der Kolk- Mix for Max.
* A prima vista spelen.
* Technische oefeningen uit M. Peters - Developing Dexterity for Snare Drum; G.L. Stone - Stick Control.

Marimba en/of vibrafoon
* Voordrachtstukken of etudes met een niveau van bijv. M. Peters - Yellow after the rain, C.O. Musser - Etude in C, B. Molenhof - Music of the day, D. Friedman - Vienna en Keiko Abe - Michi.
* A prima vista spelen.
* Alle majeur- en mineurtoonladders.
* Div. drieklanken en septiemakkoorden.
* Solfège op het instrument (voor- en naspelen).


Harp
• techniek: toonladder over hele harp met verschillende accenten, drieklanken kortgebroken drieledig, drieklanken kortgebroken vierledig met verschillende accenten, arpeggio op septimeakkoord over hele harp
• etudes: één etude uit Pozzoli, Studi di media difficolta per arpa, een etude van Bochsa of één sonate van Naderman, Sept sonates progressives
• voordracht: vrij te kiezen op het niveau van bijvoorbeeld A. Hasselmans, Feuilles d'automne; J.L. Dussek, uit Six Sonatines; M. Grandjany: Automne
• één werk wordt bij voorkeur uit het hoofd gespeeld

Piano
• etudes: twee etudes van verschillend technisch karakter, minimum moeilijkheidsgraad Czerny op. 299, deel 4
• voordracht: een werk van J.S. Bach met een minimum moeilijkheidsgraad van de tweestemmige inventionen, één klassieke sonate, één voordrachtstuk uit de romantiek, één voordrachtstuk gecomponeerd na 1900
• repertoirelijst van bestudeerde werken in de voorafgaande twee jaren

Orgel
• etudes: keuze uit J.S. Bach - 8 kleine preluden en fuga's, één compositie van tijdgenoot of voorloper van J.S. Bach
• voordracht: één of meer werken van na 1750
• enige bedrevenheid in prima vista spel
• repertoirelijst overleggen van alle bestudeerde literatuur

Zang
Programma van tenminste 5 stukken, in verschillende talen, uit het hoofd te zingen, bijvoorbeeld:
• Italiaans: uit de 'Arie Antiche'
• Frans: uit de 'Bergerettes', of een eenvoudig lied uit het Franse repertoire
• Duits: uit 'Das Lied im Unterricht' of een eenvoudig lied uit het Duitse Repertoire
• Volksliederen (bijvoorbeeld Britten, Brahms, Kodaly) 

Er dient een gedicht (twee strofen) in de moedertaal voorgedragen te worden.
De commissie luistert hierbij naar interpretatie en voordracht, maar vooral naar de kwaliteiten van spreekstem en dictie.
De commissie deelt de kandidaat na het toelatingsexamen mee of deze 'toelaatbaar' of 'ontoelaatbaar' is. Definitief 'toegelaten' wordt een student wanneer er is voldaan aan de volgende twee voorwaarden:
1. Een foniatrische keuring binnen drie weken na het toelatingsexamen door KNO-arts J.W. Arendse of KNO-arts J. van Twisk, beide artsen zijn verbonden aan het Ikazia Ziekenhuis in Rotterdam. Voor deze keuring zijn, in overleg met het Rotterdams Conservatorium, specifieke criteria vastgelegd. Keuringen door andere KNO-artsen worden dan ook niet geaccepteerd. De kosten voor deze keuring zijn voor rekening van de aspirant-student.
2. Na het oordeel 'geen beletsel voor een zangstudie' van een van bovengenoemde KNO-artsen beslist de directie van het Rotterdams Conservatorium of de betreffende kandidaat geplaatst kan worden en definitief wordt toegelaten.

Hafabra-directie
• de kandidaat dient bij voorkeur de algemene vakken te hebben afgesloten, c.q. een gelijkwaardige theoretische kennis te hebben (vergelijkend niveau tweede- of derdejaars)
• de kandidaat bespeelt bij voorkeur een instrument uit de organieke bezetting van het harmonie- en fanfareorkest en dient bekend te zijn met het harmonie- en fanfarerepertoire
• dirigeren van de 2e Suite van G. Holst of een gelijkwaardige compositie naar keuze (droog, c.q. met twee piano's), waarvan één of twee delen uit het hoofd
• alleen voor studenten met praktijkervaring: instuderen van een werk naar eigen keuze (in 20 min.) met harmonieorkest

Koordirectie
• kandidaten dienen een repertoirelijst te overleggen
• instuderen van een werk naar keuze (bij voorkeur van de overlegde lijst); het koor wordt gevormd door studenten koordirectie en de toelatingsexamenkandidaten
• zingen van een gedeelte uit de koorliteratuur; aan de orde komen o.a. frasering, tekstbehandeling, zuiverheid, à vue zingen
• spelen van een instrumentaal werk naar keuze op piano of eventueel een ander instrument
• afleggen van een gehoortest in het kader van koordirectie; aan de orde komen o.a. leesvaardigheid, akkoordenkennis, herkennen van fouten, ritmische vaardigheden
• uit het hoofd dirigeren van een werk naar keuze, 'droog' of met pianobegeleiding

Orkestdirectie
• de kandidaat moet in staat zijn door middel van een plastische lichaamstaal muzikale bedoelingen expressief over te brengen
• dirigeren en repeteren van Van Beethoven Symfonie nr. 1 - eerste deel, Symfonie nr. 3 - tweede deel of Unvollendete van Schubert - eerste deel met behulp van twee piano's
• tijdens het toelatingsexamen zal tevens een gesprek plaatsvinden over repertoirekennis en motivatie
• voor het hoofdvak orkestdirectie is een uitstekend gehoor een vereiste; een onderdeel van het toelatingsexamen is het apart te houden solfège-examen, waarbij de kandidaat in staat moet zijn om meerstemmige melodische dictees en akkoorden te kunnen noteren

Compositie
• de kandidaat dient drie werkstukken (partituren en/of banden) te overleggen, waarvan ten minste één in traditioneel notenschrift is geschreven; uit deze werkstukken moet blijken of er voldoende compositorisch talent aanwezig is

Muziektheorie
• beschikken over een voldoende ontwikkeld analytisch gehoor
• met behulp van een instrument blijk geven van gevoel voor melodie en harmonie
• inleveren van één of meerdere scripties, opstellen of analyses over een muziektheoretisch onderwerp naar keuze, waaruit theoretische motivatie kan blijken (eventueel analyses)
• kennis van elementaire algemene muziekleer